Wie zijn wij Wat doen wij voor u Kandidaten Agenda Lid worden P.R. Links Actueel nieuws

1 Gemeente en de Burger

De Gemeente en de Burger

Vanaf 2015 komen veel extra taken op onze gemeente af.
Het betreft jeugdzorg, ouderenbeleid en arbeidsmarktparticipatie.
De regering decentraliseert voor 17 miljard euro naar de gemeenten. Op de ruwweg 20 miljard euro die de gemeenten nu al uitgeven is sprake van een takenexplosie.
De rijksoverheid kiest voor decentralisaties omdat gemeenten dichter bij de burger staan dan de Rijksoverheid. Merkwaardig is dan wel dat vervolgens door velen, o.a. de Minister van Binnenlandse Zaken wordt gesteld dat de gemeenten met minder dan 100.000 inwoners te klein zijn om al deze extra taken goed te verrichten. Fusies met andere gemeenten of verregaande gemeentelijke samenwerking worden dan als oplossing aangedragen.

RZS is het hier ten principale mee oneens.

Een fusie van onze gemeente, met bijvoorbeeld Arnhem en/of Wageningen, betekent dat de zeggenschap van onze inwoners zeer sterk zal afnemen, zo niet te niet gaat. Om er dan nog maar niet van te spreken dat Arnhem en Wageningen met alle plezier onze zo zorgvuldig opgebouwde financiële reserves zullen gebruiken om hun eigen problemen op te lossen.

Dus geen fusie.


Samenwerken met andere gemeenten via gemeenschappelijke regelingen, op basis van de Wet Gemeenschappelijke Regelingen, biedt naar het oordeel van RZS evenmin een oplossing. Te weinig realiseert men zich dat eenmaal opgenomen in dit soort regelingen de afzonderlijke gemeenten, en dus hun burgers, weinig zeggenschap hebben en wel verplicht zijn de gezamenlijke besluiten uit te voeren.

Bovendien: niet vergeten mag worden dat controle en afleggen van verantwoording in grote samenwerkingsverbanden verdwijnen.


Niet doen dus.


Wat is dan de oplossing?
Je moet er voor zorgen dat de gemeente zowel voor de korte als lange termijn baas in eigen huis blijft.

Uitvoeringszaken die je als gemeente niet zelf kunt doen moet je aan derden uitbesteden, maar dan wel met de gemeente als opdrachtgever en die derde als opdrachtnemer zodat je hem altijd tot de orde kunt roepen als hij zijn werk niet goed doet.
Dit vraagt nogal wat van de gemeentelijke organisatie. Het is niet voor niets dat nagedacht wordt over een andere besturingsfilosofie, waarbij de inspraak van de burger wordt vergroot en de gemeente meer dan tot nu toe faciliteert. Eén van de onderdelen daarvan zal moeten zijn dat de medewerkers van de gemeentelijke organisatie in uw belang de genoemde rol van opdrachtgever goed kunnen invullen.


Dus ontwikkeling van de gemeentelijke medewerkers tot vakbekwame opdrachtgevers.


Is dit voldoende?

Nee !
Juist vanwege dat toegenomen takenpakket van de gemeente dient de inspraak van de burger veel meer aandacht te krijgen.
Daarbij kan niet volstaan worden met het stimuleren van burgerinitiatieven, hoe belangrijk op zich dan ook.
In de komende jaren moet ook handen en voeten worden gegeven aan het versterken van het politieke burgerschap.

Wat betekent dit?
In elk geval het periodiek raadplegen van roulerende groepen van burgers. Maar ook het houden van enquêtes of – indien het College van Burgemeester en Wethouders dan wel de Raad toch willen overgaan tot het aangaan van een gemeenschappelijke regeling – de burgers hierover de beslissende stem geven door middel van een bindende raadpleging.


Een dergelijke aanpak gaat veel verder dan bijvoorbeeld het betrekken van een enkele zo genaamde doelgroep bij beleidsvorming of het instellen van een jeugdgemeenteraad.


Versterken van de invloed van de inwoners op het politieke proces verdient alle aandacht.